Concert van Sonia Loins-worth

Het was 14 November 2014; wij bezochten een concert van Sonia Loinsworth, die prachtige mantra’s en boventonen zingt. Het concert vond plaats in België, in de mooie zaal boven muziekhandel Merlijn in Erpe-Mere. Overdag hadden we bij Sonia deelgenomen aan een workshop boventoon zingen.

Niet lang na aanvang zag ik Margrete wat onrustig achterom kijken, alsof ze last had van de mensen achter zich. Daar kon echter geen sprake van zijn want dat zou ik zeker gezien hebben. In de pauze vertelde ze me dat ze steeds het gevoel had gehad dat er iemand aan haar rug had gezeten. Zeker een kriebeltje of iets dergelijks, merkte ik op. Nee, er is iets, en het heeft ook tussen ons in gezeten, zei Margrete stellig, en het was nogal beweeglijk; ik heb ‘m / ’t (?) ook bij het boeket bloemen gezien. Ik reageerde zo’n beetje van “het zal wel”, niet wetende wat ik hiermee aan moest.

Na het concert stopten we onderweg even bij een frietkot, we hadden nog een flink eind te rijden en hadden nog best trek, en voor Margrete speelde mee dat zij nog altijd die “aanwezigheid” voelde.

Hier hadden we wat meer tijd om er rustig over te praten, en ook hier pasten we weer onze beproefde methode van een opstelling uit: Margrete stond representant voor “het, wat het ook wezen mocht”. En toen kwam er een heel verhaal van een wezen (‘n natuurwezen?), die tegen zijn zin in aan ons gebonden was. Hij kon niet weg, maar kende ons niet, en ook wist niet waarom hij aan ons / Margrete vast zat. Had ie een naam? Noem me maar Frietje, kwam er toen, want dat woord hadden we net gebezigd. Ik vond dat geen naam, en stelde Frits voor, of ie dat wat vond. Ja, daar kon hij zich goed in vinden (eindelijk normaal contact).

Eenmaal thuis zijn we direct gaan slapen, maar de volgende ochtend hebben we natuurlijk direct Odilia aangesproken voor een verklaring.

KabouterFrits bleek een redelijk hoog ontwikkeld natuurwezen te zijn, die echter door achteloosheid een ernstige energetische schade in zijn gebied had berokkend. (Wat we ons daarbij moeten voorstellen weten we niet, en het leek ons ook beter daar niet te veel nieuwsgierigheid voor aan de dag te leggen.) Voor zijn nalatigheid was hij door verscheidene hogere verantwoordelijken stevig ter verantwoording geroepen, maar wat ze ook probeerden, ze kregen hem niet tot ander inzicht.

Sindsdien bracht hij zijn tijd door met rondhangen langs de rivier de Babbelkous (zijn benaming), luisterend naar de verhalen van deze rivier. Het was een rivier zonder boten, want Frits wist toen nog niet wat boten waren. (Nicolaas wees ons er eens op dat dit zich waarschijnlijk afspeelde in het stroomgebied van de Rijn, want bij de Rijn horen verhalen, denk maar aan de Nibelungen. Bij de Donau  denk je eerder aan muziek.)

Frits’ verantwoordelijken stonden op het punt hem terug te roepen, wat zou beteken dat zijn energie in het grote geheel, de bron, de oorsprong, zou worden opgelost, wat dus ook inhield dat hij ophield te bestaan, en dat zouden ze als een groot verlies ervaren. Ze hadden nog maar één mogelijke oplossing voorhanden, namelijk, om – als experiment, nooit eerder gedaan – hem bij ons te plaatsen, en wel op zo’n manier dat ie niet weg zou kunnen. Zijn actieradius werd daardoor zeer ingeperkt, in de hoop dat wij iets met hem aan zouden kunnen. Wat een uitdaging!

Zo werd hij dus door de Deva (landschapsengel) van Vlaanderen tijdens het concert bij Margrete op haar rug “geplakt”.