Twee weken beiden thuis, weinig contact; Margrete druk met inpakken en wat gestrest raken, ik veel bezig met verslag over 2015 schrijven. Bij dit schrijven valt het me op dat de benaming “het Grote Licht” zowel gebezigd wordt voor de zon als voor het Christuswezen. Uit de context blijkt meestal wel welke bedoeld wordt, maar toch lastig. Via de telefoon de vraag aan Odilia voorgelegd, en inderdaad, voor beiden; sterker nog, zij zegt: dat is toch hetzelfde, dezelfde kracht, liefdes- of scheppingskracht, is overal, in de kosmos en op aarde. Ik geef aan dat voor ons mensen er toch wel degelijk verschil is, het ene zien wij als hemellichaam aan de hemel, de andere ervaren wij als liefdeskracht (met toch meer ook een religieus tintje) op aarde, als werking tussen de mensen, vanuit ons hart. En met name omdat ik van jongs af aan deze als zeer onderscheidene aspecten heb ervaren beleef ik beiden toch heel sterk elk op zichzelf. Ik geef nog een vergelijking: mijn voordeur is echt heel anders dan mijn achterdeur!
Odilia: Door beiden kom je je huis binnen! Ik geloof dat we elkaar wel begrijpen.
Terloops vertelt Odilia dat Margrete het zwaar heeft, ze is al wekenlang in haar eentje aan het inpakken, ze vordert wel, maar wat haar parten speelt is dat ze ook met een gevoel zit van het nooit goed te doen, een stemmetje uit haar jeugd. Als ik haar dit vertel herkent ze dat, en het lucht haar op dat het nu benoemd is; het is geen taboe meer.
Odilia geeft me nog een tip :Als ze straks bij je thuis komt, ook al is ze doodmoe, dan wil ze toch eerst haar spullen inruimen; laat haar dan begaan, daarmee creëert ze ook voor zichzelf een plek, en als ze die heeft, geeft dat rust; dus ga er niet tegen in, laat haar begaan.
De verhuizing vindt plaats op zaterdag 20 juli; verhuizing wil zeggen: haar spullen in de opslag containers zetten, misschien wel voor 4, wie weet 6 maanden, tot de benedenburen vertrekken. Haar persoonlijke spullen, zoals haar kleding, gaan in mijn auto mee. ’s Middags eerst lunch, en dan inruimen. Aan het eind van de middag voelt Margrete mijn Opa Stok: voelt zich verheugd, noemt het een grote gebeurtenis, een goede stap in ons beider ontwikkeling, en een boeiende uitdaging het deze komende tijd goed met elkaar te hebben; laat tevens weten dat mijn moeder blij is dat Margrete haar ring nog steeds koestert al draagt ze bijna nooit vanwege de aandoening aan haar handen. Ik vraag of het met beiden goed gaat, wat hij beaamt. En mijn vader, maakt hij al wat vordering? (hij wilde nooit iets weten van een leven na de dood, en vindt “daar” erg moeilijk zijn weg). Hij is nu wat rustiger, er zit meer beweging in zijn overgang. Ik wens allen alle goeds, en bedank mijn opa hartelijk. Margrete voelt ontroering. 

