Dolmen di Avola – vanaf Syracuse voorbij het “ospitale” (rechts) direct links een klein straatje in (96012 Avola S115), daar parkeren onder een mimosaboom tegenover huis nummer 19. Rechts van de weg loopt een afvoerwatertje. Vanaf de parkeerplaats loopt een paadje, ’t stroompje daar oversteken te midden van bamboe en ander groen, tot je bij een grote villa komt. Bijna tegen de muur van het terras staat het hunebed met een gebarsten deksteen. Het lichtwezen ervan voelt heel cynisch aan maar is wel bereid te luisteren, of beter, wil Odilia wel aanhoren; reageert echter met een: Wat heeft ’t voor zin? Ik lig hier maar. Wel, daar heeft Odilia nog best een taak aan.

We gaan verder, een overnachtingsplaats zoeken in de buurt van onze volgende bestemming: Cava dei Servi (36.921630 / 14.825020) in het dorpje Frigintini, dat ook dicht bij de haven ligt, voor ons voor vertrek naar Malta. Volgens de coördinaten moest deze grot langs de weg waar we reden te vinden zijn, maar we zagen cava (grot) noch dolmen. We besloten prioriteit te geven aan een slaapplek, ik sloeg een zijweggetje naar rechts in, en reed ’t uit om bij een verlaten boerderij te komen,met een mooi door een muurtje afgescheiden terrein. Weliswaar op andermans privé terrein, maar zo uitnodigend en rustig, en voorbij de boerderij uitgestrekte landerijen. Eigenlijk heel idyllisch, en het was ook nog een zwoele avond.


In bed lieten de reiswezens zich aan Margrete voelen: Mogen wij eerst? Dat willen jullie toch altijd! We hebben iets te melden! Hé, morgen gaan we toch varen? Weet ’t autowezen dat al? Nou, dat heeft ie dan nu bij deze gehoord, maar we zullen zo meteen met ‘m contact maken, dat is wel zo aardig. Zullen we dan nu plaats maken? Graag! Margrete: tjonge, die zijn nog nooit zo snel weg gegaan.
Ik, aan het autowezen: Heb je mee geluisterd? Ja, varen, weer in zo’n garage.
Ja, waarschijnlijk wel, maar we weten nog niet hoe dat zal zijn. Misschien krijg je wel een plek op een open dek, dan kun je rondkijken. Daar heb ik niet zoveel mee, maar dat voelt wel beter dan in zo’n donkere garage. Deze vaartocht duurt maar twee uur, heel wat korte dan de vorige!
Odilia liet zich voelen: Wat me bezighoudt is het besef dat er maar een kleinigheid zoals dat gat in de grond nodig is en deze reis was ten einde gekomen, sterker nog, het had het eind van onze samenwerking kunnen zijn. Dat houdt me wel bezig, ik ben enorm geschrokken. We hebben er vanuit onze wereld nu voor gezorgd dat er wezens in de buurt blijven om ongelukken te voorkomen. Ik: ik vind het ook hoogst onverantwoordelijk dat er geen waarschuwingsbordje bij staat, spelende kinderen kunnen er ook zo invallen, daar zou de overheid voor moeten zorgen, of anders de boer. Heel nalatig! Het was een mooie dag, er is veel gedaan. Mooie dromen, en tot later.
De volgende ochtend zijn de reiswezens er weer vroeg bij: De huisgeest en allerlei andere wezens hier willen een gesprek. Vannacht hadden we hier niks te doen en toen hebben we contact gemaakt en ze verteld dat ze met jullie zouden kunnen praten, en dat willen ze graag! Dat gaan we doen, we zijn benieuwd.
Goedemorgen, wat fijn dat er weer mensen slapen hier, wel een beetje anders, vroeger waren er veel mensen en dieren, dat was fijn. Oh, blijven jullie maar één nacht, jammer; graag langer wat mij betreft, we voelen ons vereerd nu weer mensen in ons midden te hebben; af en toe komen hier mensen, als ze vrij zijn, maar niet vaak. Wij zullen niet terugkomen, het is echt éénmalig, we zijn op doorreis. Wij wachten af. Het ziet er allemaal goed verzorgd uit. Maar je vraagt niet wat je normaal zou vragen…?? Eh?? Wat mijn taak is! Oh. Ik ben niet de huisgeest hoor, die wilde liever binnen blijven. Ik zorg voor het terrein van de boerderij, zeg maar, ik ben de deva van het terrein. En dat terrein is heel ruim en veel in beweging. Kom gerust nog eens, jullie zijn zeer welkom.
Dank – maar het spijt me, dat is niet waarschijnlijk.
Zonder haast vertrekken we, we hebben ruim de tijd om de boot te halen, en nog één bestemming te gaan: Cava dei Servi, een hunebed. We reden rechtstreeks naar het veld waar we ’s avonds al langs gereden waren. Het lag er verwilderd bij, met in het midden een hoop puin naast een grote gegraven kuil. Om het puin in te kieperen? Had het puin iets te doen met het hunebed? We kregen niet de indruk. Toen we de gps erbij haalden en heel precies de aanwijzingen volgden, kwamen we uit in de hoek van het terrein; daar lagen wat losse keien enigszins bij elkaar. Hier moest het hunebed dus geweest zijn. En een lichtwezen was er niet meer, gaf Odilia aan. Triest, ons voorlopige afscheid van Sicilië.
Na 2 weken Malta en Gozo zouden we weer in het zuiden van Sicilië aankomen en via het noord-oosten naar de haven van Termini, een voorstad van Palermo, om van daaruit naar midden-Italië terug te varen.
- Inleiding

- Noord – west Sicilie
- Midden- zuid
- Richting Syracuse
- Oost- zuidkust
- Malta aankomst
- Stille Zaterdag
- Twee tempels
- Rabat
- Omgeving van Mellieha
- Heritage trail
- Slaapplek bij Popeye
- Gozo 2 april
- Gozo 3 april
- Gozo 4 april
- Richting de kust
- Gozo 5 april
- Gozo 6 april
- Gozo 7 & 8 april
- Malta 8 april
- Malta 9 april
- Malta 10 april
- Malta 11 april
- Malta 12 april
- Malta 13 april
- vervolg 13 april
- Vertrek naar Sicilie
- Terug op Sicilie
- Noord – oost Sicilie
- Richting Palermo
- Palermo huiswaarts
