Noord – west Sicilie

De eerste bestemming de volgende ochtend was Grotta dell ‘Uzzo, nabij Castellammare del Golfo, in het uiterste noordwesten van Sicilië (38.110095 / 12.786513), aan de kust, in natuurpark Reserva Zingaro, een natuurlijk gevormde wijde en hoge maar ondiepe grot. Odilia, onze spirituele gids, gaf aan dat er meer lichtwezens in dit gebied waren, maar de overigen nog verborgen voor de mens; en ze liet ook weten zeer ontroerd te zijn met de mogelijkheid het contact weer te kunnen herstellen; vooralsnog was ze heel benieuwd hoe de hernieuwde kennismaking zou verlopen. Margrete nodigde het lichtwezen van de grot uit, die via mij reageerde met een krachtig Goedemorgen! Hij was dus helder en krachtig aanwezig. Margrete vroeg hoe het met ‘m was. Goed. Ben je alleen of verbonden met anderen? Ja, we hebben goed contact met elkaar. Margrete legde het doel van onze komst uit.
Ik als representant: Ik kan niet zeggen dat we naar haar verlangen, want we wisten gewoonweg niet van haar bestaan, je overrompelt ons flink met je verhaal, maar als zij inderdaad het echte Grote Lichtwezen van vroeger is, ja , dan willen we heel graag weer contact! Ik begrijp eigenlijk niet hoe jullie contact met haar kunnen hebben. Tja, da’s een heel verhaal.
Als ik het goed begrijp hebben jullie met haar net zo contact als nu met mij, en daar snap ik ook niet van hoe dat kan, maar het werkt wel. Jullie zijn dus de schakel om het contact te herstellen, nou, dat wil ik heel graag nu. Ik begrijp ook dat jullie nu dit contact met mij gaan verbreken, maar ik wil jullie eerst nog wel vertellen dat ik jullie als schakel als heel belangrijk heb ervaren, onderschat dat niet, ik voel me heel dankbaar naar jullie. Dank en dag. Dag.

Als representant kon ik zijn ontroering sterk meebeleven, de tranen rolden over mijn wangen, heftig!

 

 

De volgende krachtplek die we bezochten, Monte Adranone, is een grote necropolis op de top van de berg, dichtbij Sambuca (37.687460 / 13.143273). Hoe verder we naar boven reden hoe harder het ging stormen en regenen.
Zoals afgesproken met Odilia spraken we eerst nog na over onze vorige ontmoeting, in de Grotta del’Uzzo, met als doel het lichtwezen van onze nieuwe bestemming nieuwsgierig te maken en hopelijk ook een beetje vertrouwen te geven. Omdat dit gegeven in de verslaggeving wat verwarrend kan werken, vermeld ik dit niet steeds. Over Uzzo vertelde Odilia, dat ze er heel blij mee was omdat er een heel helder, dus krachtig lichtwezen mee verbonden was, die nog veel helende energie aan de aarde kon schenken. Er waren meer lichtwezens in de omgeving trouwens; degene die wij gesproken hadden, vormde een soort middelpunt, en deze voelde zich heel dankbaar .
En nu deze necropolis hier, deze begraafplaats; er staan veel gebouwtjes die soms net kleine tempels lijken, maar er zijn ook veel stenen op de grond – een uitgestrekt terrein, waarover Odilia meldde: Hier zijn heel veel lichtwezens, en fijn dat er ook waterwezens (plensregen) ter ondersteuning aanwezig zijn. Ik wil jullie vragen het gebied te doorlopen en dan laat ik haar (Margrete) wel voelen waar jullie een steentje moeten plaatsen. En vraag voor contact maar een vertegenwoordiger.

Zelf hadden we gehoopt dat we vooraan een steentje konden plaatsen en dan gauw de auto weer in, maar helaas… door de storm en de regen konden we het gebied nauwelijks overzien, we liepen verder over wat zo’n beetje het hoofdpad leek .

Achter een muurtje dat in deze storm nauwelijks beschutting bood maakten we contact; ik voelde me als representant voor de vertegenwoordiger van dit gebied zeer terughoudend. Kwam dat door zwakte, ik weet ’t niet: Hoe kan het dat het Grote Lichtwezen (voor ons Odilia) via mensen komt? Vreemd hoor! Margrete vertelde over de bedoeling van onze komst, ons contact met Odilia, het feit dat Odilia in haar gebied (Europa) de weg niet meer weet te vinden nu de lichtwezens van de krachtplekken niet meer met elkaar en met haar verbonden zijn; dat ze òns echter wel kan volgen, en dat we steentjes meenemen die we neerleggen op de verschillende plekken. De steentjes zorgen er dan voor, dat de lichtwezens en Odilia met elkaar in verbinding kunnen blijven, dat wij weer verder gaan, etc.

Ach, ik praat nu ook met jullie, ik zou het niet geloofd hebben als ik ’t nu niet zelf zou ervaren, dus waarom zou de rest van jullie verhaal dan niet kunnen kloppen? Maar we zijn hier wel met velen, er moet eerst overlegd worden, dat vraagt tijd; maar wat jullie vertelden over die steentjes, dat is wel goed hoor, ga je gang. En wat gaan jullie nu verder doen? Wij gaan terug naar de auto, droge kleren aantrekken en dan verder reizen. Ik weet onze reactie al: laat haar maar toe, het is goed. Toch wel bedankt!

Vanaf de weg konden we zien dat het dal beneden volop door de zon beschenen werd, alle straten helemaal droog. Het moest blijkbaar zo zijn.

Hierna hadden we graag naar de ruïne van de burcht van de zwarte magiër Klingsor, de tegenstander van Parzival willen gaan. Deze staat boven op de berg bij het dorpje Caltabelotta, maar gezien de zwarte wolken in de lucht zouden we daar geen steek voor ogen kunnen zien. Hier was al eens een heling voor de zwarte magie gedaan door vrienden van ons, en we hadden graag willen voelen of er nog meer heling nodig was. We besloten nu maar verder te rijden, ook omdat we voor heel Sicilië maar vijf dagen tot onze beschikking hadden en deze plaats niet op de verlanglijst van Odilia stond.

 

onderweg naar Monte Adranone