Woensdag 20 maart vertrokken we om 11 uur vanuit Ede naar Slenaken in Limburg, tegen de Belgische grens, waarvan we onlangs gelezen hadden dat daar de enige polissoir oftewel slijpsteen van Nederland ligt. Navraag ter plaatse bleek dat degenen die van de steen af wisten ons verwezen naar een vervallen wandelroute. Zodoende stonden we ineens in iemands (heel grote) achtertuin waar hij aan het werk was, kwam vriendelijk naar ons toegelopen en vertelde dat daar vroeger inderdaad de officiële wandelroute had gelopen. Hij had er ook niet echt bezwaar tegen als we door zijn achtertuin zouden gaan, maar zei wel dat we dan ook door alle andere naastgelegen tuinen moesten gaan en dat er wellicht buren waren die daar bezwaar tegen hadden; maar er was ook nog een andere mogelijkheid om er te komen, nl. verder doorrijden naar het buurtschap Nurop en daar links af de weg I Gen Teut (kan geen verwarring geven, zo’n naam, en staat duidelijk aangegeven) in gaan, parkeren bij de rioolzuivering en verder richting de Gulp lopen, het bruggetje over (pas op, het beton is spiegelglad, stap liever in de modder!) en linksaf de Gulp volgen, de steen ligt daar op een helling in een bosje iets verderop. Helaas is het wandelpaadje iets verderop weggespoeld, zodat we bovenlangs verder moesten ònder of óver prikkeldraad langs, en wat minder goed zicht hadden over de helling langs de Gulp. Maar iets verderop, op de plek waar het prikkeldraad platgetrapt is, en een gleuf in de helling ontstaan is door het water uit de weilanden, daar ontwaarde ik ineens drie grote stenen. Achteraf bleek ik die niet geheel zelfstandig gevonden te hebben, want onze reiswezens vertelden dat ze mij in de richting van de stenen hadden laten kijken. Ere wie ere toekomt! Hoe dan ook, de middelste steen bleek inderdaad duidelijk slijpsporen te vertonen. Archeologen vertellen dat slijpstenen vroeger gebruikt werden om wapens en messen op te slijpen. In principe geheel juist, maar wat ze er niet bij vertellen is dat dit als rituele handeling verricht werd, dus als een soort eerbetoon aan het hoge geestelijke wezen (Archai) dat deze steen als ankerplaats op aarde gekozen heeft.
Deze Archai vind je vaak bij slijpstenen, hunebedden, menhirs, en in Zuid-Europa de Thracische tempels, en werk(t)en aan het welzijn van aarde en mensheid. Ze werden en worden nog immer geleid door een nog hoger ontwikkeld engelwezen (een troon), die wij hebben leren kennen als Odilia. Doordat de mensen die op deze krachtplaatsen hun cultus hielden zijn verdwenen, verjaagd, of een andere cultus zijn gaan aanhangen, is Odilia al deze contacten met de Archai tot haar intense spijt kwijt geraakt. Margrete en ik reizen na onze ontdekking van Odilia in 2014 langs de plaatsen waar de Archai zich ophouden om ze weer met Odilia te verbinden. Dit doen we door contact met ze te leggen in systemische opstellingen, waarbij één van ons dan representant staat voor een Archai (of voor Odilia). Om ervoor te zorgen dat de door ons gelegde contacten niet weer verloren gaan wisselen we steentjes uit die we van te voren ritueel verbonden hebben met Odilia, en nemen we steentjes mee van de krachtplaatsen en leggen die op de Odiliënberg in de Elzas, de ankerplaats van Odilia op aarde.
Deze Odiliënberg was onze volgende bestemming, want we hadden ondertussen steentjes verzameld van al onze reizen de afgelopen drie jaar: Scandinavië, Baltische Staten, Noord Polen, Balkan, Griekenland, Bulgarijë, rondom Essen, Malta en Gozo, Sicilië en een paar uit Drenthe, en die ene uit Slenaken.
We hebben op de parkeerplaats vlakbij de druïde grot in de auto overnacht, héél koud op 800 m hoogte, brrr! De steentjes hebben we ’s ochtends vroeg met een klein ritueel in de buurt van de druïde grot aldaar geplaatst. Odilia reageerde enigszins beduusd en intens dankbaar voor deze enorme uitbreiding van haar bereik op aarde, en dat heeft ze ons daarna nog enkele malen laten weten, zo onder de indruk was ze ervan.
Dit was de opmaat voor onze reis naar de Provence, Corsica en Sardinië, die dus feitelijk begon op 21 maart, Margrete’s verjaardag! Odilia vroeg mij om Margrete namens haar een knuffel te geven , want dat doen jullie toch op verjaardagen? Een lastig begrip voor engelwezens, want die kennen geen tijd, alleen de eeuwigheid!
Een soortgelijk verschijnsel deed zich voor bij onze aankomst bij het eerste hunebed in de Provence, de volgende dag, Champ Vermeil genaamd, bij het plaatsje Bidon. We hadden onze reiswezens gevraagd te verkennen hoeveel lichtwezens (Archai dus) er daar in de buurt aanwezig waren. Hun antwoord: wij, jij en zij, Odilia en de auto, in onze taal zes dus! Want ook getallen zijn in de geestelijk-etherische wereld ongebruikelijk.
Voor nu alleen dit over de Provence: volop zon en 25 graden, binnenkort meer!
Voorjaarsgroet,
Ferry en Margrete

een



een ieder een mooie nazomer,