Hune-bedden-tocht 24 juni verslag Edith

Hunebeddentocht 24 juni

Na met veel voldoening de hele kroniek op de website van Margrete en Ferry gelezen te hebben, was ik blij met een hunebeddentocht, om deze grootheden in het echt te ontmoeten. We hadden mooi weer. 

Bij het eerste hunebed waren we al even, toen ik op een gegeven moment een andere deelnemer nadeed, die eronder ging liggen. Ik voelde iets in mijn buik, en iets van: niet te lang doen. Eigenlijk niets speciaals over te melden, tot ik ervan wegliep naar de auto. Wat een verandering van omgeving! Dat had ik nog niet in de gaten gehad: het verschil om opeens ‘uit’ het hunebeddenkrachtveld te zijn.

Bij het tweede hunebed dat we bezochten, gingen we in groepjes representant staan. Dat is ongelofelijk wat dan gebeurt, en ook dat een vragensteller zo belangrijk is. De aandacht van de vrager is zo helpend om te representeren. Ook wonderlijk hoe ik gewoon wist wat ik wilde representeren: een bepaalde deksteen waar ik al even tegenaan stond. Tijdens het representeren bewoog en duwde ik de hele tijd tegen de deksteen aan, alsof ik ook met mijn lichaam invoelde. Een grote verassing: ik voelde me rollen en tollen en draaien in een beweging, niet heen en weer, maar vertikaal, door de lucht, met wat ik noemde luchtvliegkracht. Toen de vrager me op een gegeven moment wees op een in de grond liggende steen waar ik op lag als deksteen, was die voor mij als van een andere dimensie, onvergelijkelijk.
Wat ook zo mooi was, was de hemelse bergsfeer die ik soms even zag bij de hunebedden als ik door de naaldbomen omhoog keek naar de lucht. Zo’n stralende, zuivere berglucht … prachtig! Die intense berglucht had ik bij de eerste 2 hunebedden al even gezien, maar het langst bij het derde hunebed dat we bezochten, het paapse. En daarna niet meer waargenomen.

Het vierde bezoek betrof een langgraf. Schoenen en sokken uit en lekker erop lopen en liggen en voelen. Bij de representatie wist ik niet wat ik ging representeren, ik voelde iets en wist wel mijn plek, bovenop stenen. Ook hier maakte ik tijdens het representeren de hele tijd kleine beweginkjes met mijn lichaam. De vragers vroegen er achteraf naar, en toen vertelde ik dat die beweginkjes hielpen om de informatie te laten stromen door mijn lichaam.
Ik begon in de representatie met mijn stenigheid waar te nemen, van binnenuit, dat kon ik ook zeggen. Ik uitte een heel diepe klank ‘oeoeoeoe’. En ik zei: ‘ik ben zooo oud, zooo oud’. Ik was het wezen van de oersteen. Ik kon dat ook benoemen.
Door de vragen van de vragers kon ik hier en daar iets zeggen. De vraag naar mijn grenzen was geen optie voor me omdat ik alleen mijn eigen steenwezen ben en ervaar. Dat werd begrepen. De vraag of ik verbonden ben met de aarde moest ik even voelen, want ik kon niet meteen het woord aarde plaatsen. Toen ik dat wel voelde was ik één en al bevestiging.
De  vrager vroeg of ik oké was. Ik kon duidelijk maken dat oké en niet oké geen opties zijn. “Het is zo. Ik ben dit. Dat is niet ‘oké of niet oké’.” Ik zei: “ik heb geen hart” (De hartdimensie bestaat op dat niveau niet). Ik zei ook nog:”de goden hebben ons overgeslagen”.
Ook hier weer even duidelijk gemaakt dat wat ik zei geen kleur had van gevoel, enkel zo zijnde. Uitleggend achteraf: deze opmerking betekende dat het oersteenniveau natuurlijk niet door de goden gebruikt is omdat een oersteen ‘alleen maar’ oersteen kan zijn. Zo voelde ik dat. (Wordt iets ‘gebruikt’ is het geen oersteen meer.)
De vrager vroeg: “;waar kom je vandaan?” Ik antwoordde: “dat moogt gij niet vragen.” (Die vraag was ook geen optie voor me.)
Op een vraag of opmerking van de vrager, die geroerd was door deze ontmoeting met de oersteen, dat dat nou gebeurde, kwam de reactie: “waarom denk je dat dit zo’n krachtplek is?” 
Wat bizonder dat de oersteen tot deze verwoordingen kon komen van zijn eigen innerlijke wezen met behulp van de vragen van de vragenstellers.
Achteraf voelde ik een grote dankbaarheid voor dit prachtige contact naar de vragers.

Ik had deze hunebeddentocht voor geen goud willen missen.

Edith