Februari

ONZE BUURT  (Scheveningen)
 
Routebegeleiders
Onze reiswezens laten we vaak “vrij” in de Keizerstraat, een redelijk drukke winkelstraat dichtbij, en ook wel eens om de hoek in de Badhuistraat, ook een winkelstraat, maar minder druk, ’t is maar net waar ons winkelen ons brengt. We zeggen ze dan dat ze nog een “theekopje” mogen blijven, (ongeveer een kwartiertje) tellend vanaf het moment dat wij thuis komen. Dit theekopje is zo ontstaan omdat Odilia geen tijd kent, maar wel enig besef heeft van hoe lang wij er over doen om een kopje thee te drinken, en de reiswezens hebben dit begrip overgenomen want die hebben ook geen besef van tijd. En wie houdt dan de tijd van een theekopje voor ze bij? Hulpwezens! die regelen dit soort dingen. Net zoals we onze reiswezens bij mooi weer, als er veel dagjesmensen op strand en op de boulevard zijn, daar nog een theekopje gunnen en dan de hulpwezens niet alleen de tijd in de gaten houden maar er ook voor zorg dragen dat de reiswezens thuis gebracht worden, d.w.z. bij de poort onder de huizen door bij ons om de hoek; het laatste stukje doen ze dan zelf. Wij hebben het idee dat het hier aparte hulpwezens betreft, de ene soort voor de tijd, en de andere voor de route.
Overigens kunnen de reiswezens ook wel ons spoor volgen, een energetisch spoor dat voor hen heel zichtbaar is, maar als dit spoor bij grote drukte door veel mensen gekruist wordt, wordt het moeilijker voor ze om dit te volgen,
 
Nieuwbouw om de hoek
En precies dit laatste stukje, voorbij de poort, daar gaat dit verhaal over want vroeger stond hier een wat aftands huis met er achter een overkapping en plaatsje. Zo’n twee jaar geleden is daar begonnen met de sloop en onze reiswezens vroegen zich af wat er dan met de huisgeest zou gebeuren. Het leek ons een goed idee als zij die huisgeest zouden informeren dat z’n huis gesloopt ging worden maar dat er ter plekke wel nieuwbouw zou komen, dan zou hij zich daarop kunnen voorbereiden door b.v. ergens een tijdelijk onderkomen te zoeken en na verloop van tijd zijn intrek in de nieuwbouw te nemen. Onze reiswezens vonden het leuk om dit op zich te nemen, ze hebben toch vaak niets te doen, en ook al behoort dit niet tot hun eigenlijke taak, het geeft ze een bezigheid die overigens geheel niet hun licht schaadt, dus waarom niet? Zo gezegd zo gedaan.
De hele boel is afgebroken en op die plek zijn ondertussen vier niet al te brede woningen gebouwd, met een dak-etage 2 hoog, en zonder tuin. 
 
Nu is de nieuwbouw van buiten klaar, binnen wordt er nog gewerkt. De reiswezens vroegen ons hoe het nu met de oorspronkelijke huisgeest daar is. Geen idee, maar ons voorstel: als zij daar zouden langs komen mogen ze van ons wel even daar rondneuzen en de huisgeest opzoeken en ’t hem vragen, en tegelijk even rondkijken waar de bouwlui  nog mee bezig zijn. Zouden zij dat willen doen? Ja graag, we hebben vaak toch niets te doen, dat doen we wel.
Twee dagen later, ’s ochtends wij nog in bed, wordt Margrete aangesproken: Mogen wij even? Vertel! Wij zijn naar de huizen geweest, en de huisgeest: die is de meestal in het huis ernaast, maar hij komt wel geregeld in de nieuwe huizen kijken, maar gaat pas kiezen als er mensen komen, welke mensen het beste bij hem passen. In de andere huizen komen dan nieuwe huisgeesten. We weten dit niet van hemzelf, maar van een contactwezen van ‘m, die heeft ons alles verteld. En in de huizen zijn nog geen keukens, en zolang er geen keuken is komt er ook geen huisgeest, want het wordt pas een huis als er een keuken is. 
Weten jullie trouwens dat het keukenwezen hier beneden heel blij is, maar die in de oude keuken boven niet zo meer; die komt wel ’s naar beneden, dan zijn ze hier samen, doen ze vooral als jullie ook samen bezig zijn, leuk hè!
Wisten jullie niet. Nee, inderdaad. Maar ik denk dat het wc-wezen boven wel heel tevreden is, nu er boven niet meer gekookt wordtkomen er nooit meer keukengeuren door de kieren. Dat is zo, die heeft geen klachten meer, heeft alleen nog jullie geurwezens, maar die horen daar!  En het slaapkamerwezen boven, die zal wel niet zo blij zijn sinds we beneden slapenNee, die is een beetje aan het inzakken, heeft niet veel meer te doen. Beetje zielig hè. Tja het is niet anders.
 
En dan heb ik nog een vraag: hoe is het met het huiswezen van dat pandje verderop in de straat waar al heel lang verbouwd wordt? Die huisgeest is er altijd al geweest, en heel tevreden, het wordt steeds beter, maar er is nog geen keuken, daar wacht ie wel op. Oh ja, ik snap het, het was vroeger een werkplaats, en daar was deze huisgeest toen ook al. Ja, dat is zo, en er wordt heel serieus gewerkt, dat vindt ie fijn.
 
Wat leuk dat jullie dit allemaal onderzocht hebben en aan ons kunnen vertellen; het is niet jullie eigenlijke taak, maar toch wel leuk om te doen lijkt me, en kost jullie dit nu licht? Nee hoor, we vinden het wel leuk om te doen, dan kost het ons geen licht. En wij zijn reiswezens plus hè! Andere reiswezens doen dit niet hoor. En daar maken wij handig gebruik van!
 
Een week later
’s Ochtends weer geluiden in de straat die lijken of de straat wordt opgebroken. Ja, twee mannen van een of ander bedrijf, niet Kpn, zijn hetzelfde stuk weer aan het openbreken en uitgraven, nu niet met oranje glasvezel maar groen draad. Uiteindelijk beperkt het werk zich hier tot zo’n 10 meter. 
De reiswezens: Mogen wij wat vertellen? Ga je gang. Het contactwezen van het straatwezen heeft ons aangesproken, waarom we hem niet hebben gewaarschuwd, maar we wisten niet dat het zou gebeuren, wisten jullie het? Nee, dit kwam voor ons volkomen onverwacht. Maar vorige keer hadden jullie er toch een brief over gekregen? Ja, maar dat was vooral om te waarschuwen dat de straat voor het verkeer zou worden afgesloten, dat was nu niet zo, of in elk geval maar heel kort.
Het taalwezen vertelde ons dat het contactwezen eigenlijk bij ons verhaal was komen halen, rare uitdrukking, die begrijpen we niet, er is toch geen verhaal?  Nee, dat is een uitdrukking om te zeggen dat ie het jullie  kwalijk had genomen. Maar wij wisten het niet. Nee, maar blijkbaar dacht ie dat jullie er wel van hadden geweten. Mmm, blijft raar, wij gaan weer, dag! 
 
Een orb in het Westbroekpark   
Op een dinsdagochtend rond 10 uur in het Westbroekpark in Scheveningen was er een bijzonder schouwspel: zowel overwegend heiig waar de zon door heen scheen, een prachtig gezicht, wat Margrete ertoe bracht er een foto van te nemen. En inderdaad, de foto geeft het goed weer: de mist en ook de zon. Maar….op de foto is ook een groene orb te zien. een energiebol oftewel een natuurwezen van een of andere aard.  
Althans, zo leek het mij. Margrete twijfelde, het zou ook iets lichtgevends of reflecterends geweest kunnen zijn, het leek op het water in de sloot te drijven. Zij is de volgende ochtend nog gaan kijken maar er niets gezien. Nog wel een foto genomen en weer een groene bol op de foto, maar nu wat fletser en kleiner. 
Het intrigeerde ons, zouden we contact met ‘m kunnen krijgen om zo te weten te komen met welke bedoeling hij hier was, wat zijn taak is? Margrete als zijn representant, ik de vragensteller:
Mijn beginvraag: kunnen we contact krijgen? Margrete sprak niet, reageerde slechts in onduidelijk gebaren.
Orb 2e dag
Uit mijn vragen werd duidelijk dat ie op z’n minst niet gewend was aan contact met mensen, of misschien dat ie dat niet wilde. Ik stelde nog wat vragen, hij gaf aan dat dit z’n plek was, dat ie altijd bij ons ritueel aanwezig was, reageerde ook geïnteresseerd voor een man die iets verderop met taichi bezig was, maar verder zag ik  alleen wat vage gebaren maar daarin geen ontwikkeling, stelde voor ‘m los te laten, daarop volgde een duidelijke instemming / opluchting.
Margrete vertelde dat ze de indruk had gehad dat het wezen eigenlijk niet taalvaardig was, dus mijn vragen niet begrepen had en dat haar gebaren in wezen meer van haarzelf waren dan van het wezen.
Dat was het dan. Het liet wel wat vragen open, hadden we er wel goed aangedaan? We hadden er ernstige twijfel over.
’s Avonds Odilia geraadpleegd: Het gaat hier om een zeer onbewust maar wel energetisch wezentje, dus het draagt zeker energetisch bij aan jullie ritueel dat nu eenmaal veel natuurwezens aantrekt, ook veel van dit soort. Hebben we er verkeerd aangedaan contact met ‘m te maken?  Je hebt ‘m te lang vast gehouden en dat heeft wel zijn licht beschadigd, maar hij is goed opgevangen. Ik heb begrepen dat jullie morgen weer naar die plek gaan om wat lekkers te offeren en de hartverbinding te doen, dat lijkt me een goed idee. Verder valt er niet veel over te zeggen, behalve om voortaan iets voorzichtiger te zijn. 

 

 

“Kroniek 2022”