We reden Anloo door, zagen een grafheuvel en daarna rechts (bordje!) een bospad; we lieten de parkeerplaats links van ons liggen en reden een flink eind het bos in, aan het einde rechts (Margrete beweert achteraf links, maar er staat een bordje). Even later lag er links van ons een hunebed (D8).
Hier gaf Odilia aan ‘m met rust te laten, en ze gaf ons ook aan dat wij onze reiswezens moesten verbieden contact te maken. Die reageerden nogal gepikeerd! Het is toch onze taak informatie te geven! Ja, maar hier is het niet op zijn plaats, dus niet doen! Nou, ze waren het er niet mee eens, maar gehoorzaamden wel.
Op de terugweg reden we wèl de parkeerplaats op, ook daar staat een aanwijzing; er loopt een pad dat slingert, en als je dat volgt kom je bij een flink beschadigd hunebed (D7), en ook hier mochten wij en ook de reiswezens niets doen. We kregen weer een zeer opstandige reactie: Waarvoor zijn we er dan als we niet eens onze taak mogen uitvoeren!). Ik legde nog iets uit over invoelen, maar dat behoort niet echt tot hun taak, vonden ze.
Overigens was Odilia wel degelijk blij met onze drie laatste bezoeken, want ze kon nu wel verbinding maken en ze ondersteuning geven. Wellicht als we hier te zijner tijd zouden terugkeren, zouden we wel contact kunnen maken. Dicky, Margrete’s serieuze speelwezen, snapte heel goed waarom deze lichtwezens met rust gelaten moesten worden, en vertelde dat hun labiele conditie mede veroorzaakt was doordat hier in de oorlog veel was gebeurd.
D9 Annen, Zuidlaarderweg, naast huisnr. 40 (6.71571 / 53.06144).
D10, Gasteren, Schipborgerweg 2 (53.04238 / 6.658020). Ruime parkeerplaats omdat hier ook wandelroutes beginnen; rechts op de parkeerplaats vind je heel veel grondbijen; volg het wandelpad, na zo’n 50 m ben je bij het hunebed). Odilia:Het lichtwezen is er,maak maar contact. Als representant voel ik me eerst nog slaperig: Jullie roepen veel wakker, emoties, pijn, wens om met rust gelaten te worden, maar ook verlangen, als jullie verhaal tenminste klopt. Margrete vertelt over de stentjes die we neerleggen en andere meenemen voor verbinding met Odila. Weldoordacht hoor! Jullie weten hoe ’t in z’n werk gaat. Enerzijds hoop ik dat jullie een stel fantasten zijn, dan kan ik negeren, anderzijds: dit weten mensen niet, en jullie wel, dus neig ik ernaar jullie te geloven. Het is wel veel om ineens te bevatten, maar …mijn verlangen is ook heel sterk. Ik ben bang dat ik geen keus heb, ik moet ’t maar gaan ervaren, wel eng hoor, zo groots. Vragen? Nee, jullie verhaal is duidelijk, ik moet me maar open stellen, heel spannend wat ik ga beleven. En jullie heel veel dank, dag.
Even later reageren onze reiswezens: we snappen het niet, we snappen het niet, jullie zeggen dat dit de laatste is, nu klaar, gaan we dan nooit meer naar hunebedden? Niet in Nederland, het land waar wij wonen. Andere landen nog wel? Oh ja, heel veel. Oh, dat hadden we niet gehoord.
D11 bij Anloo: Torenweg rechtsaf Andersenweg, rechts af Heideweg op (staat aangegeven), doorrijden het bos in tot aan de versperring, dan verder lopen; het hunebed ligt midden op een kruising van wandelpaden en voelt erg gelaten aan. Odilia geeft aan hem met rust te laten, ’t zou ‘m alleen maar meer van slag kunnen brengen. De deva daar zal hem wel ondersteunen en eventueel zou hij het later wel aankunnen.
In het donker verder naar Drouwen, vlakbij Borger en Valthe; aan de Steenhopenweg vlak voor het viaduct links liggen twee grote hunebedden, maar het was al echt donker en Odilia gaf aan dat bezoek in het donker extra achterdocht wekt en dat het echt niet zou lukken hier contact te maken. We hebben ze wel met een zaklamp bekeken. Een een flink stuk verderop, bij de Veldweg stonden weer hunebedden aangegeven, maar die weg begon met een paar flinke modderpoelen en toen zijn we maar doorgereden huiswaarts.
Bij een volgend bezoek aan Drenthe gaan we verder.

